Tobias en Anna
Over Tobias en Anna
Lieve Tobias en Anna, eens moest het er toch van komen dat er mensen waren die jullie samen wilden adopteren. Het heeft een hele poos geduurd maar toen ineens stonden ze zomaar bij ons op de stoep om kennis te maken met jullie lieve snoetjes en geweldige karakters. Want ja, jullie zijn twee bijzondere katjes met wat gekkigheidjes in je karakter, dus zouden jullie zelf wel uitmaken of die mensen goedgekeurd werden.
Tobias, mijn lieve bolle, wat is het nog moeilijk om aan je te denken. Wij waren onafscheidelijk, je volgde me overal waar ik ging. Zo klein als je was, zelfs toen je nog nauwelijks kon lopen, vond je alles wat ik deed maar razend interessant. Je was bij binnenkomst de grootste van het nest en dat ben je al die tijd gebleven (al gaat je broertje Abel je inmiddels toch voorbijstreven!). Dat kon ook omdat jij als enige niet zoveel ziek bent geweest als de rest.
Dat betekent natuurlijk niet dat jij helemaal niks hebt meegemaakt. Ook met jou heb ik aardig wat te stellen gehad. Al vrij snel na binnenkomst zag ik dat je zo’n kriebel aan je oren had. Krabben kon je nog niet echt, daar was je nog te klein voor, maar je liet duidelijk merken dat die oren niet fijn waren. Ik nam je mee naar de dierenarts omdat er wellicht oormijt in het spel was, maar je oortjes leken schoon te zijn. Desondanks bleek een poosje later dat er toch mijtjes huisden in je oren. Arme jongen, al die tijd die kriebel maar!
Je groeide op tot een vrolijke peuter en kreeg al een flinke buik van al die flesjes die je dagelijks leegdronk. Want jij kon er wat van, je had elk tweede uur HONGER! Mijn flesjes trokken helemaal vacuüm door dat harde zuigen van jou, zodat jij maar zoveel mogelijk melk binnen kreeg. Je was onverzadigbaar – en dat ben je altijd gebleven.
Met acht weken had je plots een pijne pootje, dus moesten we de enting een poosje uitstellen. Toen we dan uiteindelijk gingen, kreeg je een aantekening in je boekje dat je toch zo’n dikke buik had. En bij de tweede enting werd neergezet “nu nog dikker”. Jouw dikke buik is wel tekenend geweest voor alle maanden dat je bij me woonde.
In december werd die buik zó dik, dat ik uit nood maar een activity board en een voerbal aanschafte, in de hoop dat je dan wat gedoseerder zou eten. Maar luie Tobias liet zich niet in doekjes doen, hoor! Nee, tante Flo moest de brokjes uit de kokertjes vissen, en jij at ze dan keurig op. Flootje viel zienderogen af, terwijl jij nog net zo bleef aankomen als eerst!
Lui ben je ook altijd geweest. Toen je binnenkwam was je nog piepjong en kon je jezelf nog niet verzorgen. Je broertjes en zusje ontdekten na een poosje hoe ze zichzelf moesten wassen, maar jij vond dat teveel moeite. Daar had je een lieve moederpoes en een aardige mama voor. Ik moet nog altijd lachen bij al die foto’s van jouw smerige toetje, omdat je weer eens wat vleespapjes naar binnen had geslurpt maar niet de moeite had genomen om je mondje even schoon te vegen.
En die luiheid zette zich dus voort toen je groter werd. Waar de anderen door de kamer raceten achter een balletje, een muisje, of het laserlampje aan, hield jij het na een paar keer heen-en-weer wel voor gezien. Je kon dat spel ook wel volgen vanuit je luie stoel terwijl Flootje je waste. Arme Flo heeft jou al die maanden gewassen en betutteld, totdat ze er helemaal zat van was.
Maar ik denk dat er nu wel verandering gaat komen in jouw luiheid. Je bent terechtgekomen in een gezin met drie jonge kinderen, en zij zullen je wel bezig houden. Momenteel vind je het allemaal nog een beetje eng, maar ik ben ervan overtuigd dat jullie je gouden mandje helemaal hebben gevonden. Laat je maar lekker op sleeptouw nemen door je stoere zusje. Zij heeft beloofd dat ze goed voor je zal zorgen, dus laat je maar lekker meeslepen door haar, en ga fijn met haar knuffelen.
Lieve jongen, toen ik jullie wegbracht naar jullie nieuwe huis zagen we meteen dat jij het allemaal een beetje te spannend vond. Je kroop maar direct in het hoekje tussen de kast en de muur, en vervolgens onder de bank en onder de kast. Je trilde als een rietje, en liet je pas na een lange tijd in mijn armen een beetje geruststellen. Ik hoor dat je nu ook nog soms even gaat schuilen als het je teveel wordt. Sla je door die moeilijke gewenningsperiode heen. Ik beloof je dat je het over een poosje prima naar je zin gaat hebben in je nieuwe huisje!
Mijn lieve bollebeer, je woont nu bij een heel liefhebbend gezin, dat het allerbeste voor jullie uit de kast wil halen. Jullie krijgen een prachtige kattenren, zodat je veilig buiten kunt spelen nu het mooi weer wordt. Jullie hebben zelfs een eigen nepkitten gekregen, waar je voor mag zorgen en die je op haar plaats mag zetten als ze even te ver gaat. Het enige wat je in je nieuwe huis niet mag (maar dat mocht je hier eigenlijk ook al niet) is héél veel eten. Probeer maar gauw wat liefde terug te geven, laat je geweldige purrrrrrr maar horen, zo hard dat ze het bij de buren kunnen horen!
Mijn lieve grote kleine jongen, ik denk voortdurend aan je. Het is zo moeilijk om nu dit verhaaltje te schrijven, elke keer moet ik weer stoppen. Maar jullie verdienen een goed afscheid, jullie verdienen een prachtig verhaaltje. Ik zal je nieuwe mama vragen het voor te lezen voor jullie, zodat je weet: voor altijd in mijn hart…
Judith.